Jeugdzorg – de emotiefabriek

Wanneer ik vertel wat voor werk ik doe, krijg ik regelmatig op feestjes bezorgde, verschrikte, verwrongen of agressieve gezichten. Want werken bij jeugdzorg en hierover vertellen staat garant voor een avondje praten over de missers, blunders en de ellende binnen de keten van de jeugdzorg. Zelden ben ik iemand tegen gekomen die een goed aflopende zaak weet te reproduceren, of iemand die me enthousiast vertelt gezien te hebben hoe waanzinnig goed een kind is geholpen. Positief praten over jeugdzorg is dan ook een taboe, niet hip en zeker tegendraads.

Dus als mensen vragen wat voor werk ik doe, vertel ik hen te werken in een emotiefabriek. Ik vertel te handelen in pijn en woede in verstoting en afstoting in jaloezie en verwensing in angst en in eenzaamheid. Maar ook in onzekerheid, verbittering, teleurstelling, agressie en verdriet. Ter hoogte van onzekerheid gaat de muziek vaak toch wat zachter. Want wie vertelt te handelen in emoties roept vragen en zeker veel emoties op. En dan leg ik hen uit dat je om mijn werk goed te doen je niet intelligent maar wel empathisch moet zijn. Omdat je moet kunnen voelen en emoties op tijd moet kunnen herkennen of durven herlabelen.

Zo probeer ik dagelijks boosheid te verruilen voor berusting en angst voor veiligheid. Verdriet probeer ik om te zetten in blijdschap en uitzichtloosheid in een perspectief. Voor verslaving zoek ik onafhankelijkheid en voor agressie meer geduld. Grenzeloosheid bied ik kaders en voor eenzaamheid zoek ik contact. Maar bovenal wil ik de onschuld bewaken, intact proberen te houden en waar nodig te beschermen door er voor te gaan staan. Door ‘stop!’, te zeggen tegen iedereen die dit bedreigt. En als iedereen dan even luistert, dan laat ik hen door mijn ogen kijken naar de emoties die ik zag in dat ene kind waar het allemaal om draait.

Ik laat dan kijken naar zijn angst, zijn onzekerheid, zijn pijn, zijn verwardheid, zijn kapot geslagen illusies, zijn afhankelijkheid, zijn onvermogen, zijn onzelfstandigheid en zijn verbrijzelde gevoel van veiligheid. En dan vraag ik de woedende vader met zijn moederverslindende advocaat en de flippende moeder met haar vaderverscheurende advocaat om niet dat teleurgestelde en in zichzelf gekeerde gezicht van hun advocaatloze kind te vergeten.

Ik heb op menig feestje de stemming er behoorlijk uit weten te krijgen. Rechten van kinderen staan zo ver van volwassene af. Toch zorgt de gedachte dat ik de volgende dag weer naar mijn werk mag, dat de stemming er bij mijzelf goed in blijft. Want iedere dag opnieuw vind ik een kind die alleen over de schending van zijn rechten durft te praten als ik pinkie zweer niet alles tegen zijn ouders zeg.

6 comments

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s